Na zijn pensioen had Tom Dumoulin kortstondig een afkeer van de sport. Inmiddels is de liefde terug en is hij NOS-analist tijdens de Tour de France. ‘Het kan een gekkenhuis zijn.’
“Ik heb fantastische jaren gehad in het wielrennen en daar kijk ik met plezier op terug. Maar nu heb ik de regie terug over mijn eigen leven: er is plek voor dingen buiten het wielrennen en daar geniet ik van. Mijn wereld is veel groter geworden en ik voel meer rust. Zelfs al ben ik nu druk, ik voel altijd nog een beetje ruimte voor een gesprek als dit.”
“Tsja, hoe definieer je druk? Het leven van alle topsporters draait op een gegeven moment alleen maar om die sport. Dat is alles waar ze mee bezig zijn. Dag in, dag uit, 365 dagen per jaar. Het stopt niet als ze vijf uur lang getraind hebben. Daarna en daarvoor zijn ze met hun gewicht bezig, met herstellen, met eten, met de planning voor de komende dagen. Tijdens mijn carrière had ik eigenlijk nooit een rustige periode. Ik ging me steeds vaker afvragen of de sport me nog de voldoening opleverde die het de jaren daarvoor gaf. In 2022 besloot ik dat het niet meer zo was. Dat klinkt een stuk makkelijker dan ik het nu zeg: er ging een lange periode van twijfelen aan vooraf.”
“Het was heel bijzonder om mijn lichaam en geest zo onder controle te hebben, mezelf zo sterk te krijgen dat ik met de allerbesten meekon in grote rondes en op WK’s. Die kick en die spanning mis ik weleens, dat extreme focussen op dat ene doel. En dat alle puzzelstukjes dan op hun plaats vallen en alles lukt: dat is een magisch gevoel.”
Tekst: Maarten van der Meer